- sheepherder als zelfstandig naamwoord:
- 1
sheepherder
zelfstandig naamwoord
1 sheepherder
A herder of sheep (on an open range); someone who keeps the sheep together in a flock.
synoniemen: sheepman, shepherd.
Nederlands: schaapsherder, schaapherder, herder
Pools: owczarz
Vind elders meer over sheepherder: etymologie - rijmwoorden - Wikipedia.
debug info: 0.016