- infuriated als bijvoeglijk naamwoord:
- 1
infuriated
bijvoeglijk naamwoord
1 infuriated
Marked by extreme anger:
— Infuriated onlookers charged the police who were beating the boy.
synoniemen: angered, enraged, furious, maddened.
Pools: wściekły, rozwścieczony
Vind elders meer over infuriated: etymologie - rijmwoorden - Wikipedia.
debug info: 0.0142