- unifoliate als bijvoeglijk naamwoord:
- 1
unifoliate
bijvoeglijk naamwoord
1 unifoliate
Having a single leaf.
Roget 87: one, sole, single, solitary, unitary; individual, apart, alone; kithless†. unaccompanied, unattended; solus [Lat.], single-handed; singular, ... meer laten zien
Vind elders meer over unifoliate: etymologie - rijmwoorden - Wikipedia.
debug info: 0.0393